Verhalen uit De Lariks

Nieuwste verhalen

Heymansstraat

H

Nobelprijs voor Fysiologie of Geneeskunde in 1938

Corneel Heymans (voluit heette hij Corneille Jean François) was in de wieg gelegd voor de wetenschap. Hij was namelijk de zoon van de Belgische hoogleraar farmacologie aan de Universiteit Gent, Jan Heymans. In 1938 kreeg hij de Nobelprijs voor de Fysiologie of Geneeskunde.

Eerste Wereldoorlog
Heymans werd geboren in Gent, in 1892. Op zijn 19e, in 1911, ging hij geneeskunde studeren, en in 1920 promoveerde hij. Hij deed er negen jaar over, omdat hij vier jaar lang meegevochten had in de Eerste Wereldoorlog. Heymans eindigde als officier.

Hij bleef studeren. Achtereenvolgens in Parijs, Lausanne, Wenen, Londen en Cleveland. Ondertussen trouwde hij in 1921 met Berthe May, die specialist oogheelkunde was. Ze kregen vijf kinderen

Schatten van Assen
Heymans als officier van de Artillerie

Heymans Instituut
Heymans trad in de voetsporen van zijn vader in 1930, toen hij in Gent werd benoemd tot hoogleraar Farmacologie en leiding ging geven aan het J.F. Heymans Farmacologisch en Therapeutisch instituut dat zijn vader had opgericht.

Aan het Heymans Instituut werd onder andere onderzoek gedaan naar de ademhaling en de bloedcirculatie. Corneel Heymans kreeg de Nobelprijs voor de geneeskunde voor de ontdekking van receptoren in onder andere de aorta, die op basis van de samenstelling in het bloed de ademhaling regelen.

Schatten van Assen
Heymans krijgt de Nobelprijs in 1940 uitgereikt

Helpen in de oorlog
Tijdens de Tweede Wereldoorlog zette Heymans zich in voor de mensen in België die door de oorlog voedsel en medicijnen te kort kwamen. Na de oorlog zette hij zich in voor mensen die onder de bezetting hadden geleden.

Hij publiceerde meer dan 800 wetenschappelijke artikelen. Professor Heymans overleed in 1968 in Knokke.

Engeltjes op mijn schouder

E

Heymansstraat – Dhr. Hoek

‘Zo’n 50 jaar heb ik gevoetbald bij Asser Boys. Waarvan 14 jaar in het eerste elftal. Als verdediger. Mijn vrouw zei op een gegeven moment dat ik mijn bed daar maar neer moest zetten. Ik moest op mijn 75e stoppen vanwege mijn been. Maar ik ben nog steeds lid, lid van verdienste. In Rotterdam voetbalde ik al. En toen ik hier kwam wonen, in het Blauwe Dorp, speelde ik nog voor de club van de speeltuinvereniging.’

Op zichzelf
‘Dat valt me sowieso op hoor, dat mensen hier moeilijk praten. Als er wat is, als iemand bijvoorbeeld kanker krijgt in de buurt, of iets aan zijn hart, dan durven mensen niet op bezoek. Omdat ze niet weten wat ze dan moeten zeggen. Ik ga er gewoon op af en vraag hoe het is. Zelf ben ik net thuis uit het ziekenhuis. Nu komen de mensen pas even vragen hoe het is. Mensen zijn best op zichzelf in deze buurt.’

Schatten van Assen
“Ik ben een doorzetter”

Doorzetter
‘Ik lag in het ziekenhuis vanwege het dotteren van mijn been. Mijn andere onderbeen is een paar jaar terug geamputeerd. Ik heb trouwens ook twee rugoperaties gehad, en ben bij mijn vorige operatie nog gereanimeerd. En als kind maakte ik in Rotterdam-Zuid de hongerwinter mee. Maar ik kom overal bovenop. Mijn zus van 90 zei laatst dat ik wel 6 engeltjes op mijn schouders moet hebben. Maar ik ben ook een doorzetter. Dat komt door onze arme jeugd denk ik. Maar ook door het voetbal. Ik kom overal weer bovenop.’

Het was in Anholt net “het geheime dagboek van Hendrik Groen”

Blauwe Dorp
‘Ik ben terechtgekomen in Assen als dienstplichtig militair, in 1957. Hier ontmoette ik een leuk meisje. Toen ze zwanger werd moesten we trouwen. Dat gebeurde wel meer in die tijd, want je wist ook niet hoe dat allemaal werkte. Dus in 1958, toen ik uit dienst kwam, trouwden we en gingen in Assen wonen. Eerst in het Blauwe Dorp. En toen naar de Heymansstraat. Als het aan mij gelegen had, waren we in het Blauwe Dorp gebleven. Hier voelde ik me, tussen de officieren en agenten, zonder diploma’s een beetje een aso. Maar voor de kinderen vond mijn vrouw deze buurt beter.’

Een traplift komt er bij mij niet in.

Vrijpostiger
‘Het past bij de Assenaren om conflicten niet uit te praten. Mensen houden alles binnen, slikken alles in. Maar weet je wat er dan gebeurt: dan groei je uit elkaar. Ik ben veel vrijpostiger. Ik ben geboren in Rotterdam-Zuid. Als ik iets vind, dan zeg ik het ook. Of het nu tegen mijn buurman is, of tegen mijn schoondochter. Ik zeg waar het op staat. Maar nooit boos hoor, op een rustige toon gewoon zoals we nu met elkaar praten. Mijn schoonmoeder moest daar indertijd ook behoorlijk aan wennen.’

Anholt
‘Na mijn vorige operatie heb ik een tijd in Anholt gerevalideerd. Het was daar net “Het geheime dagboek van Hendrik Groen.” We zaten tot 2 uur ’s nachts te kaarten met een biertje erbij. En het eten was soms niet te pruimen. Niks voor mij zo’n huis. Zolang het kan blijf ik gewoon hier wonen. Mijn dochter wil me aan de rollator of scootmobiel, maar dat wil ik niet! Ik heb al 6 protheses versleten, maar een traplift komt er bij mij niet in. Desnoods ga ik op mijn achterwerk trede voor trede de trap op.

Alleen
‘Mijn vrouw overleed in 2006. Het begon met borstkanker. En het eindigde met een bloedpropje waardoor ze ineens weg was. Ik werd gebeld vanuit het ziekenhuis: ‘Uw vrouw is overleden.’ Het alleen zijn is niet leuk. Maar ik red me prima. Ik draai graag muziek en kijk Eredivisie Live. Ik hoef geen andere vrouw meer: je weet wat je hebt gehad, en niet wat je krijgt.’

Buurtfeest
‘Er zijn veel eenpersoonshuishoudens hier in de buurt nu. Daar zie je niet veel van. Het mag van mij wel verjongen: een beetje kinderen erom toe is veel gezelliger. In het verleden was er na een renovatie nog wel een buurtfeest. Bijvoorbeeld in de Wijde Blik. Om de afronding te vieren. Dat zou van mij wel weer mogen. In het Blauwe Dorp doen ze vast nog dat soort dingen, daar was het socialer. Hoewel er daar vast ook veel is veranderd.’

Verhalen uit De Lariks

Nieuwste verhalen

Onderwerpen

Over het project

Samen met Mijn Buurt Assen en ICO centrum voor kunst en cultuur zoekt verhalenkunstenaar Kaj van der Plas naar de mooie verhalen uit De Lariks in Assen. Hij trekt van december tot maart door de buurt en gaat in gesprek met bewoners. Wat is het geheim van hun wijk? En wat verbindt ze met elkaar?

Vraag of tip?

Stuur Kaj een e-mail.